Maarten Kouwenhoven


Maarten Kouwenhoven is klinisch psycholoog, psychotherapeut en managementconsultant. Hij werkte twintig jaar als chef de clinique in een psychiatrisch ziekenhuis en is sinds 1990 zelfstandig gevestigd als organisatieadviseur. Hij is internationaal erkend opleider en supervisor in de TA (TSTA). Hij was onder andere tien jaar werkzaam bij KPMG Management Career Consulting en ontwierp daar de cursus Strategisch Zelfmanagement. Verder coacht hij individuen en teams in de hogere lagen van organisaties. Hij ontwikkelde een geaccrediteerde nascholingscursus voor huisartsen, bedrijfs- en verzekeringsartsen. Hij is de auteur van ‘Het Handboek Strategisch Coachen’ (2007) en redacteur en mede-auteur van een standaardwerk over de TA: ‘TA in Nederland, deel 1, 2 en 3’. Hij woont voor de helft van het jaar in Frankrijk, waar hij ook cursussen en trainingen geeft (www.saintraphael.nl). Hij is een van de oprichters van het opleidingsinstituut ANITA en erelid van de NVTA. Maarten is aan de TA academie verbonden als opleider.

Wat inspireert je het meest tijdens het lesgeven in de TA?

Het inspireert mij dat ik in contact met studenten ook leer. Die instelling had Eric Berne ook: hij ontwikkelde de TA ten behoeve van èn samen met zijn patiënten. De TA is een universeel toepasbare communicatietheorie. Iedereen kan de TA toepassen, in welke cultuur dan ook, mits je voldoende bent opgeleid. Dat vind ik geweldig en dat geeft mij veel inspiratie.

Wat was jouw allereerste kennismaking met de TA?

In 1972 tijdens een introductieleergang in de TA (1-0-1) van Arnold van Westering in Amsterdam. De resultaten van de non-directieve benaderingen uit de jaren zeventig waren nihil of zelfs negatief. Ik was van plan om ander werk te zoeken. Gelukkig vroeg een collega mij mee naar dat kennismakingsweekend met de TA. Daar ontdekte ik dat structuur, uitleg van theorie en afsluiten van contracten de effecten van therapie enorm konden verbeteren.

Wat maakte dat je besloot verder in de TA door te gaan?

Het TA model bleek goed toepasbaar bij de 36 borderline patiënten die waren opgenomen in het psychiatrisch ziekenhuis Veldwijk in Ermelo, waar ik twintig jaar gewerkt heb. Vooral de non-contracten met de probleemoplossende sancties bleken zo heilzaam te zijn dat de drie separeerruimtes overbodig werden en de medicatie tot bijna nul kon worden afgebouwd. Ook het ziekteverzuim onder het personeel werd steeds lager. Nu worden non-contracten ook in het onderwijs toegepast (www.rigardus.nl).

Noem eens een hoogtepunt uit jouw TA opleiding

De workshop met Shea Schiff waar tachtig mensen op inschreven, het TSTA examen dat ik in 1986 heb afgelegd en het verschijnen van de drie delen ‘TA in Nederland’.

Wie is jouw belangrijkste TA leermeester geweest? Met andere woorden, wie was voor jou een belangrijk voorbeeld, iemand van wie je veel geleerd hebt? En wat leerde je?

Shea Schiff. Hij was deskundig op het gebied van ernstige psychopathologie. Die kennis heb ik goed kunnen toepassen. Hij gaf workshops samen met patiënten en personeelsleden. Zijn kennis was indrukwekkend, maar ook zijn respectvolle, persoonlijke manier van omgaan met patiënten was een voorbeeld voor het hele team.

Wat vind je een schaduwkant van de TA?

  • Het feit dat het gemakkelijk door ondeskundige mensen wordt gebruikt die de TA uit een boek hebben geleerd en het toepassen als een trucje.
  • Eric Berne was er een voorstander van om eenvoudige taal te gebruiken zodat de theorie voor iedereen toegankelijk is. Het nadeel daarvan is echter dat de terminologie van de TA niet een ‘volwassen’ indruk maakt en daardoor vaak niet geliefd is bij wetenschappers. En dat is nou net de doelgroep die de TA verder kan professionaliseren.
  • Het feit dat de TA probleemgericht is en kijkt hoe je problemen oplost. Daar eindigt de focus van de meeste TA consultants. Maar er zijn ook veel mensen met een ontwikkelingsvraag. ‘Wat wil ik nu verder in mijn leven en hoe pak ik dat aan?’ Die strategische vraag is meer doelgericht en minder probleemgericht. Met die vraag zitten veel meer mensen die gewoon hun werk doen en geen probleem ervaren. Met deze vraag kun je bij een strategisch denkende TA coach terecht. Daar kan meer aandacht aan geschonken worden.

Wat vind je belangrijk om aan de studenten van de TA academie over te dragen?

Dat je met de TA iedere dag met plezier je werk kunt doen omdat je steeds weer leert. Op die manier voorkom je een burn-out. Ik vind het belangrijk om mijn kennis en ervaringen tijdens de opleiding en via mijn publicaties aan de studenten over te dragen.

Gebruik je de TA vooral in je professionele leven of heb je er ook in je privéleven profijt van?

‘Doe dat maar op je werk,’ zeiden mijn kinderen toen ze nog jong waren en ik hen bijvoorbeeld vroeg: ‘Wat denk je er zelf van?’ De TA is een professionele benadering. Dat doe je beroepshalve. In een privérelatie past dat niet omdat er dan sprake is van twee rollen die onderling onverenigbaar zijn. En dat is strijdig met de beroepsethiek.

Wil je nog iets anders kwijt over de TA in Nederland en wereldwijd?

Ik vind het geweldig om onderdeel uit te maken van een wereldwijd systeem en bij te dragen aan de ontwikkeling daarvan. Destijds als medeoprichter van de NVTA, de EATA ( nu met 7000 leden) en het Algemeen Nederlands Instituut voor TA, en verder door de publicatie van ‘Het Handboek Strategisch Coachen’.